Beschikbare data in een buurtmonitor

  
Buurt Info home
  
En verder...

© 1997-2008 OOSTVEEN

  

  

  

Sociale Atlas van Almere

  

  

Wijkatlas Smallingerland

    

Een buurtmonitor bevat data: gegevens die iets zeggen over het leefklimaat in de verschillende buurten. Data kunnen afkomstig zijn uit lokale, regionale of landelijke registraties. Voor een regionale of landelijke monitor komen lokale databestanden eigenlijk niet in aanmerking.
Onderwerpen op deze pagina:

 Lokaal of regionaal beschikbare data

Naar boven
  
Bijna alle gemeenten die een eigen buurtmonitor hebben opgezet maken gebruik van data die in lokale bestanden (binnen de gemeente of eventueel de regio) aanwezig zijn. Uit deze bestanden worden, met meer of minder moeite, de gewenste gegevens of indicatoren afgeleid. Bij het verzamelen en selecteren van de indicatoren moet overigens wel rekening worden gehouden met een aantal voorwaarden. Het is belangrijk om de juiste set van indicatoren samen te stellen, zodat met betrekkelijk weinig moeite zinvolle gegevens verzameld kunnen worden.
Vanuit de bestanden van de gemeentelijke sociale dienst is het bijvoorbeeld mogelijk het aantal uitkeringsgerechtigden per buurt vast te stellen, eventueel per soort uitkering, duur van de uitkering of leeftijdsgroep. Vanuit de GBA (bevolkingsbestand) zijn diverse indicatoren af te leiden over de bevolkingssamenstelling, terwijl de WOZ-registratie informatie geeft over woningen naar bouwtype, eigendom,  ouderdom, omvang en economische waarde van die woningen. Elke registratie die de postcode bevat is in principe bruikbaar (maar daarmee nog niet per definitie relevant). Om cijfers op buurtniveau te kunnen genereren moet eenmalig een postcode-buurt vertaaltabel worden geproduceerd als dat nog niet was gebeurd. Dergelijke tabellen zijn overigens ook te koop.
  
Vrijwel alle gemeenten maken in ieder geval gebruik van interne, gemeentelijke bestanden. Gedacht kan worden aan het GBA (bevolkingsbestand), OZB-registratie, klachtenregistraties, bedrijvencartotheek en diverse bestanden van bijvoorbeeld sociale dienst, afdeling onderwijs en sportzaken. Vrijwel altijd worden deze gegevens echter aangevuld met cijfers uit externe bestanden van bijvoorbeeld de woningcorporaties, CWI, politie, maatschappelijk werk, bibliotheek en GGD. Veel van deze organisaties hebben zelf ook belang bij de uitkomsten van de monitor en zijn daarom vaak bereid hun medewerking te verlenen. Bij de buurtmonitors waar Oostveen bij betrokken is worden dergelijke externe organisaties altijd nadrukkelijk betrokken bij en medeverantwoordelijk voor de opzet van de monitor. De ervaringen daarmee zijn heel positief.
  
Het gebruik van lokaal aanwezige data heeft een aantal duidelijke voordelen boven landelijk beschikbare data. Vaak zijn deze data heel actueel (meestal binnen enkele weken na de meetdatum leverbaar), relatief eenvoudig te genereren uit de registraties en betrouwbaar. Ook worden door de leveranciers bijna nooit kosten in rekening gebracht. Wel moet er rekening mee worden gehouden dat het vooral in het eerste jaar tijd (dus geld) kost om de data uit de registraties te herleiden tot bruikbare indicatoren. Bij de aanschaf van reeds bestaande data is dat laatste gemakkelijker, maar lang niet altijd zijn de gewenste data beschikbaar c.q. betrouwbaar genoeg.
Wanneer het noodzakelijk is de cijfers van wijken in meerdere gemeenten te verzamelen, of de uitkomsten per wijk en buurt te vergelijken met totaalcijfers van andere gemeenten is het gebruik van gemeentelijke bestanden minder eenvoudig. In dat geval moeten alle betrokken gemeenten cijfers aanleveren, terwijl de wijze van registreren en de gebruikte definities kunnen verschillen. Als het gaat om een regionale monitor kunnen in ieder geval bestanden van regionaal werkende organisaties zoals politie, CWI en de GGD worden gebruikt.
   

 Landelijk beschikbare data

Naar boven
  
Verschillende organisaties bieden data aan voor geheel Nederland. Deze cijfers worden over het algemeen aangeboden op het niveau van de officiële CBS-wijk- en buurtindeling of voor postcodegebieden. Bij een regionale en zeker een landelijke monitor ben je bijna automatisch beperkt tot landelijk beschikbare bronnen. Op buurtniveau is het aantal beschikbare gegevens echter beperkt.
Een belangrijke bron is het bestand Kerncijfers wijken en buurten van het CBS. De dataset van het CBS is niet erg actueel omdat deze uit allerlei registraties moet worden samengesteld en bewerkt, maar bevat een aantal basisgegevens en is kosteloos verkrijgbaar. In dit bestand komen steeds meer gegevens beschikbaar. Kerncijfers wijken en buurten omvat onder meer een beperkte set cijfers over oppervlakte, bevolkingsopbouw, inkomen, woningen (aantal en WOZ-waarde), inkomen, uitkeringen (WW en arbeidsongeschiktheid), bedrijfsvestigingen en motorvoertuigen.
Behalve het CBS zijn er ook verschillende commerciële organisaties die gegevens te koop aanbieden, tot op het niveau van de volledige postcode. Deze cijfers zijn vaak gebaseerd op uitgebreide enquêtes, aangevuld met landelijke cijfers van bijvoorbeeld het CBS of de Rijksdienst voor het Wegverkeer. Tot deze bureaus behoren onder meer Bridgis, Experían, Wegener Direct Marketing en Cendris.

  
 Meer informatie Naar boven
CBS Kerncijfers CBS Kerncijfers wijken en buurten maakt deel uit van StatLine.
Data Methoden van dataverzameling
Voorwaarden waaraan de data moeten voldoen
Ter illustratie van beschikbare data kunt u bij Oostveen Bureau Info enkele Wijkatlassen bekijken. Ook kunt u on-line enkele buurtmonitors van Oostveen bekijken: Roosendaal, Capelle aan den IJssel en Parkstad Limburg.
Andere onderdelen De opzet van een buurtmonitor
Presentatie van de gegevens